vrijdag 8 januari 2010

Kunst in Maputo 1



landschap van Mucavele

Malangatana

zaal in het museum





Kunst in Maputo

Het museum van Maputo aan de Mao Tse Tung avenue  biedt een totaal andere aanblik dan ieder ander westers kunstmuseum. Niet zozeer in de presentatie, de ruimte is wit en alles hangt mooi ruim op z’n plek, maar het zijn de werken zelf die overbevolkt  zijn. Je ogen krijgen geen rust en eigenlijk  wordt je blik al voor het doek weggeduwd door de boze of bange mensenmassa, te krap binnen het frame. De houten sculpturen stapelen mensen op elkaar, grote en kleine figuren verdringen zich en houden zich aan elkaar staande. Hier worden verhalen verteld. Over de oorlog, over de voorvaderen. In ‘De schreeuw van de moeder’ blinken messen te midden van pijnlijke grimassen. In ‘De gekte krijgt me niet te pakken’ verwerkt Malangatana 18 maanden gevangenis in een schilderij vol schelle kleuren en benauwenis.

Om meer te weten over deze onbekende wereld die ons aanloert bellen we de volgende dag naar het museum en vragen naar de directrice Julieta Masimbe. Zij heeft haar been gebroken en is niet aanwezig maar een Nederlandse stagiaire, kan ons wel helpen. Rosalie  studeert kunst en communicatie in Londen en loopt nu 6 maanden stage in Maputo. Ze  huurt een kamer bij een familie en haar Portugees is al voldoende om met iedereen een gesprek te voeren.

Ze vertelt dat uit het oeuvre van de kunstenaars vooral het sociaal bewogen werk wordt gekozen. De houten sculpturen komen voort uit de traditie van het houtsnijden van de Makondecultuur in het noorden van Mozambique,  eigenlijk net als de vissen, giraffen  en kommen  die buiten aan de toeristen wordt verkocht. De lijnen zijn kort, ieder leert de technieken van huis uit, sommigen worden kunstenaar, anderen specialiseren zich in souvenirs. Hoge en lage kunst zijn als broer en zus, het onderscheid is niet zo groot. Toch voelen de kunstenaars die ik later spreek zich wel degelijk ver boven het handwerk staan, zij zijn zeer zelfbewuste trotse kunstenaars.

Niet alles sluit aan bij de traditie van de Makonde. Wie is bijvoorbeeld Estevao Mucavele, de maker van een uitzonderlijk groot en abstract landschap, zo duidelijk anders dan de rest hier? Zoals zo velen vertrok hij naar Zuid Afrika om in de mijnen te werken, vervolgens werkte hij als guard in Kaapstad, en om die eindeloze dag van zitten en nietsdoen zin te geven is hij gaan schilderen. Een vriend werkte in de galerie en zo vroeg de galeriehouder hem te exposeren.

Het schilderen werd in Mozambique geïntroduceerd  door de schildersclubjes van de Portugezen, als hobby, tijdverdrijf. ‘In Nederland speelt steeds de vraag of je talent hebt, hier niet, iedereen zingt, danst en maakt potten en houtsnijwerk. Zo kun je ook gaan schilderen. Ze vragen mij steeds waarom ik niets doe!’ vertelt Rosalie. Ook de zwarte mensen gingen schilderen en hun talent, om het maar vanuit mijn eigen westerse wereld te zeggen, werd soms opgemerkt. ‘Hoe komen kunstenaars aan informatie over wat er gaande is in de kunst? Hoe vinden ze aansluiting bij de rest van de wereld?’ ‘De academie hier is meer een cursus, middelbare school niveau. Verder zijn er contacten met Brazilië en Portugal. En internet, maar dat is toch een lastige bron om je weg te vinden. Picasso is hier de grote held!’ De Guernica van Picasso hangt dan ook als een onzichtbare schaduw in de zalen van het museum, deze aanklacht tegen de oorlog past dan ook perfect bij de eigen traditionele volle composities.

Waar in Nederland de volkscultuur steeds belangrijker wordt om de hartslag van het gevoel weer te vinden, is het hier van belang om nieuwe wegen te zoeken en de volkskunst weer een slag verder brengen. De basis is solide genoeg om een met een open venster op de wereld verder te experimenteren. En dan aangevuld met een goede scholing.

Hanne Hagenaars, hoofdredacteur mister Motley

 

donderdag 7 januari 2010

Museu de Historia Natural in Maputo, Mozambique








Museum Naturalis in Maputo

In de hal worden we verwelkomd door een opgezette leeuw tegen de achtergrond van een sculptuur van 6 enorme slagtanden van olifanten op een sokkel. Een waanzinnig mooi ding eigenlijk, waarschijnlijk stond het ooit te pronken in de hal van een rijke blanke als sober en tegelijk barok vertoon van menselijke almacht. In de hal tel ik alles bij elkaar 11 hagelwitte olifantsslagtanden. De grote zaal geeft een bijna klassieke museale blik op de dierenwereld, opgezette dieren tegen een geschilderd landschap te midden van kunstmatige bosjes, alleen is hier alles gericht op drama. De leeuw valt een wildebeest aan en met rode verf en stukje plastic zijn de verwondingen in de huid van het beest aangegeven, een andere leeuw zit boven op de nek van een zebra en neemt een hap, de bek van de hyena druipt van rood bloed, geen enkel dier ligt lekker te zonnen, iedereen is bezig met zijn survival. Geen mooier museum om iets te leren over mens en dier dan dit museum. Wie net als ik van kunst en systemen houdt komt hier ook super aan z’n trekken. Een muur bevat een serie kastjes waarin de ontwikkeling van foetus tot olifant in fases nauwkeurig te volgen is, de wetten van Mendel laten zich lezen in een fantastisch schema van ogen, kleurige schema’s op de muur geven uitleg over evolutie. Een schilderij dat alle kunst overtreft probeert alle verbanden in planten en dierenrijk te inventariseren. Wat een feest, kom daar eens om in een westers museum waar educatie eerder een doodlopende steeg is voor ieder enthousiasme. Allemaal op excursie naar Maputo!

De kleine etnografische afdeling is een allegaartje van oude voorwerpen, foto’s waarvan sommige ingekleurd, muziekinstrumenten, een hoofdman in vol ornaat en vreemde maskers van klei die je echt over je hoofd heen kan plaatsen. Een serie koppen laat de variëteiten zien van de zwarte mensen, hun koppen staan net als die van keizers uit het oude Romeinse rijk als borstbeelden op sokkels.

Hanne Hagenaars, hoofdredacteur mister Motley

Birds of Prey Rehabilitation Centre, Blijdestroom





Op reis in Zuid Afrika, roofvogels!

Nadat ik een valk met zijn scherpe ogen om zich heen zag loeren in de film Spy Falcon van Laurent Grasso ben ik in de ban van deze vogel. En na ‘Jack’s bird of the day’ (zie vorige blog) is mijn liefde voor alle vogels weer stevig aangewakkerd. In Zuid Afrika cirkelen boven de canyons, savannes en de grote plantagebossen steevast roofvogels, zonder moeite zweven ze mee op de wind terwijl ze af en toe een duik maken naar de grond. Hen kan niets gebeuren, zou je denken, en ik ben dan ook super nieuwsgierig als ik lees over een opvanghuis voor roofvogels. Sterker nog, roofvogels raken niet alleen fysiek gewond maar kunnen ook mentaal beschadigd worden, en in het Birds of Prey Rehabilitation Centre worden ze in beide gevallen opgevangen en opgelapt. Wanneer raakt een roofvogel ‘mentally injured’? In deze vermenselijking van de dierenwereld denk je dan al snel aan psychologisch lijden zoals wij dat kennen, vernederd worden door een mus, of uitgejouwd door een papegaai.

Het rehabilitatiecentrum ligt ten noorden van Johannesburg, zo’n 100 km van het plaatjes Graskop in Blijdestroom. De meeste vogels komen daar terecht na een aanvaring met een auto, meestal breekt dan een vleugel maar sommige dieren zijn er blind door geworden. Ze leven in vierkante hokken van gaas en hout tot ze kunnen worden vrijgelaten en krijgen daartoe iedere dag vliegoefeningen, een echt verpleeghuis dus. Ook is er een ‘Bleeksing’ valk, die in zijn voet is geschoten en voor altijd in het centrum moet blijven. De Black Eagle is zo’n vogel die mentaal beschadigd is, hij vliegt perfect maar doordat hij is opgevoed door mensen kan hij niet meer als een vogel leven, hij kan niet meer terug naar een vrij leven. Juist deze vogels kunnen agressief zijn naar mensen omdat ze hen als gelijkwaardig zijn gaan zien en daardoor als concurrenten. Mogelijk is de vogel uit het nest gevallen of langs de kant van de weg gevonden en vol goede bedoelingen door mensen gered en meegenomen. Maar verloren als echte vogel.

Het centrum wordt geleid door de twee Engelse heren, Mark en Mark, die in de gids als ‘witty’ worden omschreven. Twee maal per dag geven ze een zeer geroutineerde show waarbij de informatie wordt versneden met grappen over schoonmoeders en vrouwen die de broek aan hebben. Iedereen moet hard lachen alleen ik zit erbij met een geforceerde zure lach, ik wil de pret liever niet bederven maar Borat is er niets bij. Wel is het spectaculair als de roofvogels voortdurend zo laag over het handjevol bezoekers heen vliegen dat je de vleugels door je haren voelt strijken.

De valk Mathilda is de eerste in de show, ze is in het centrum geboren. Na Mathilde komt Adelaar Tony, hij is als baby uit het nest gevallen en naar het centrum gebracht. Daar proberen ze hem nu weer te leren vliegen. Het is vreemd om zo’n groot, wat beangstigend beest te zien die nauwelijks kan vliegen, zo snel mogelijk zoekt hij een paaltje op en kijkt naar ons. Adelaars zijn luie beesten, ze volgen andere vogels en pakken het voedsel al in de lucht af. De vogel is gigantisch, een enorme spanwijdte en kromme snavel. Toch weegt zo’n groot beest niet meer dan twee en halve kilo, het is al veren en holle botten. Als laatste in de show is uil Mojo, 9 jaar oud. Een Kaapse Uil in camouflagekleuren die zich mengen met de kleuren van de rotsen. Zijn ronde oranje ogen kijken me leeg aan als hij over mijn hoofd scheert.

De Mark die ik later sprak werd als 12 jarige al meegenomen naar het valkenieren in Engeland, een hobby die hij deelt met de rijken der aarde, met de sjeiks in het Midden Oosten, the sport of kings. Tijdens een reis naar Zuid Afrika ontmoette hij de andere Mark van het centrum en binnen een half jaar had hij zijn baan als elektrisch ingenieur omgeruild voor het gedeelde directeurschap van het vogelopvangcentrum.

Hanne Hagenaars, hoofdredacteur mister Motley

Tzaneen in Zuid Afrika





Waar ter wereld heb je een blijde en een treurrivier vlak naast elkaar? In Zuid Afrika lijkt het tevens symbool voor de nog immer gescheiden werelden van blank en zwart. Tenminste in de provincie Limpopo, boven Johannesburg, waar de grote plantages liggen en alles nog provinciaals is. We logeren bij vriendin Tanja die hier naar toe is verhuisd en een leiderschap programma doet met zwarte mensen op een aantal van deze grote farms.De bedoeling is dat deze mensen de spil gaan worden in de zo belangrijke bewustwording rondom aids want minstens 20% van de zwarte mensen is hiv besmet. Dapper van haar om in het land met een van de hoogste criminaliteitscijfers te gaan wonen en het vraagt wel offers, zoals wonen in een ommuurd bejaardencomplex vanwege de veiligheid. Overal met de auto naar toe, iedere stap afwegen naar de risico’s. Leven in een witte community. De angst voor de zwarte mensen is erg levendig, verhalen en waarschuwingen vliegen ons om de oren. De scheiding tussen zwart en wit, arm en rijk is extreem. Onderweg nemen we een keer twee zwarte vrouwen mee in onze kleine gehuurde Hyundai Atos, de schemering zet al in. De vrouwen doen schoonmaakwerk in prachtige toeristenlodges aan de rand van de canyon, 10 km van waar ze wonen. Iedere dag liften ze naar de werkplek en razen auto’s met witte bestuurders voorbij omdat ze uit angst voor een carhiking niet durven te stoppen. Carhiking komt voor. De vrouwen verzuchten: they don’t take us because we are black. Dat is waar. Onderweg lees ik de Bicycle Diaries van David Byrne het stukje: What is The Time Limit on Justice? waarin hij middels vragen afweegt wat gerechtigheid zou kunnen zijn: moeten mensen wiens leven door de Stasi is geruïneerd compensatie krijgen; of ten aanzien van de gewelddadige overname van farms van witte mensen door zwarten in Zimbabwe: 'Is this fair, not exactly, but neither was the appropriation of the land years ago by the white'. Op welk moment in de tijd is het land echt van iemand anders? ‘Maybe absolute justice, like absolute anything, rarely exitsts exept in mathematics’. Maar deze te absolute scheiding tussen twee kleuren mensen verdeeld over te extreem verdeelde rijkdom en armoede kan geen eindoplossing zijn.

Hanne Hagenaars hoofdredacteur mister Motley

vrijdag 25 december 2009

De toekomst van mister Motley

Het aantal reacties en steunbetuigingen aan mister Motley was overweldigend! En al die hartverwarmende berichten en oproepen hebben effect gehad: het Fonds voor Cultuurparticipatie heeft contact gezocht met mister Motley en er is nu een gesprek op gang gekomen. Met hun eerste aanbod konden we nog niet echt uit de voeten maar het gesprek wordt in Januari voortgezet. Wie weet is er een herstart mogelijk. Veel dank aan alle fans, het heeft mister Motley en mij enorm goed gedaan en gesteund. Het was fantastisch om zoveel waardering te krijgen van zoveel verschillende kanten. DANK!
Hanne Hagenaars, hoofdredacteur mister Motley

dinsdag 22 december 2009

Jacks bird of the day

These guys have been eating my corn for the last few weeks and
I always try and get e better picture each morning. These are
from this morningaround 9.30 am.

Jacks bird of the day.
My bird of the day is a female redwing blackbird...

Pelican Picture,
How does this look?

mondays eagle
this is him from this morning...

Todays Chickadee
Help! I need a much younger hand to feed these birds, this one looks like the 90 years old mans.

Ieder mens is diep in zijn hart jaloers op een vogeltje, om met zoveel gemak te kunnen vliegen, dat is het hoogst bereikbare. Mijn favoriet was altijd een roodborstje tot ik besefte dat mijn ambities best wel wat hoger mochten liggen dan een mus met een rood vlekje. Toch heb ik nog altijd een zwak voor dit aandoenlijke lieve pakje veren met een rood borstje. De lichtheid van een vogeltje, ook dat heeft mijn volle jaloezie, dat gehip en gefluit en gefladder.

Tijdens mijn lessen aan de Rietveld dit jaar kregen studenten de opdracht om een zine te maken (een snel gemaakte tijdschriftje, een stapeltje foto’s met nietjes erdoor kan al voldoende zijn) met familie als onderwerp. Catherine, een studente uit Amerika, toonde me een vel papier waarop zwarte vogeltjes in een stuipachtige formatie midden op het papier waren getekend. Catherine overdacht de rituelen van haar familie. In deze tekening herhaalde ze de dagelijkse routine van haar vader: vogels kijken en tellen. En toen liep het onderzoek al vast want voor haar moeder wist ze nog geen ritueel. Haar moeder houdt van tuinieren, schrijft voor science tijdschriften en verzamelt paddenstoelen en dat soort spul. Het gesprek kwam weer op haar vader. Die houdt van vogels. Vogels kijken, vogels tellen, vogels fotograferen. Catherine laat me op haar laptop een aantal van zijn foto’s zien. Haar vader stuurt haar bijna wekelijks een vogelfoto met een regel tekst erbij. ‘Thought you would enjoy these pictures. Taken this morning off our deck’. ‘These birds just showed up in the last few weeks. Pictures taken through the window so they are not so good’. ‘I took these this morning’.

Alsof hij de foto’s voor haar maakt. Hij mailt haar ook alleen beelden van trekvogels, de vogels die tijdelijk op bezoek zijn. Haar vader koopt speciaal brood voor de vogels en voert ze. Volgens hem komen de trekvogels nu eerder, gaan ook weer later weg! Nu zijn dochter tijdelijk in Nederland is lijken de foto’s een bewering of een verborgen hoop dat ook zij weer terugkomt, dat ze net als de trekvogels even op bezoek, is in Nederland. Zo communiceren ze, zonder woorden, via de beelden van vogels. Vader en dochter.

Haar vader Jack Doyle woont ergens in Oregon, aan de kust. Na zijn pensioen, is hij vogels gaan fotograferen en nu is hij zelfs voorzitter van de Birdassociation. Jack’s bird of the day, stond er onder een vogelplaatje. En dat werd haar zine: simpelweg de foto’s van haar vader met het regeltje tekst samengebonden met een schroefje. Het portret van haar vader kreeg de titel 'Jack’s bird of the day'. Tijdens de les werkt Catherine hard aan haar zine en eenmaal zie ik haar met een stukje van haar mouw een traan wegvegen. He is such a sweet man, such a giving person.

Catherine laat een filmpje zien van haar vader die de vogels voert, ze zitten op zijn hand, ze fladderen om hem heen.

He names me his bird, zegt Catherine.

dinsdag 15 december 2009

'Mille e Tre' en de betovering van lijsten






De betovering van lijsten: ‘Mille e Tre’ in het Louvre te Parijs.

In zijn boek De betovering van lijsten vat Umberto Eco het thema van opsommingen ruim op. Visuele opsommingen horen er voor hem ook bij, zoals  schilderijen met een grote hoeveelheid voorwerpen en zelfs bloemstillevens.  Rondom een hoefijzervormige tafel ten huize van de familie Nanni in 1755, zitten geparfumeerde en bepruikte mensen, Eco presenteert het schilderij als soort gastenlijst. ‘De marteldood van tienduizend christenen’ van Albrecht Durer (1508) is een visuele opsomming van mogelijkheden. Ik had me er erg op verheugd om de prachtige selectie werken in het echt te zien.Helaas, geen schilderijen in ‘Mille e Tre’ in het Louvre. De tentoonstelling was piepklein en willekeurig. Gelukkig blijven lijstjes ook dan betoveren.

Meestal worden lijstjes gemaakt in een poging om de wereld te begrijpen door te noteren en te ordenen: door op te schrijven wat je ziet wordt het kijken intenser. Ik hou vooral van de illusie die een lijstje je geeft: het idée dat je de boel onder controle hebt. De wereld laat zich immers niet dwingen in een systeem, altijd ontsnappen er dingen, altijd is de opsomming maar een hapje uit het grotere geheel dat voor een mens niet te bevatten is. Kunstenaars maken hun eigen opsommingen, los van de logica. Vreemde onmogelijke lijstjes spotten in feite met die hang naar orde en wil van de mens om te begrijpen en te heersen. ‘Lukt lekker toch niet’, roepen die lijstjes. Zoals de tekening van Louise Bourgeois op de expositie Mille e Tre in het Louvre te Parijs. Als een strafwerkoefening  schrijft ze met een rood potlood drieduizend maal t’aime op, is dat genoeg liefde, of is het een ietsje te veel? De liefde: lukt toch niet!! Lukt toch niet!

De agenda van Gabriel Orozco overtreft die van mij, bomvol krabbels, doorgestreepte afspraken, namen en telefoonnummers, een pareltje van chaos. De pagina uit de harmonica agenda is als ster neergezet, geen ster die de weg wijst, geen agenda die je op weg helpt. Geruststellen, na een blik op deze agenda in de ochtend kun je niets anders doen dan besluiten om maar een stukje te gaan fietsen. De sterren blijven toch wel aan de hemel staan. 

Hanne Hagenaars, hoofdredacteur mister Motley

Exposition 
Du 7 novembre au 8 février 2010
Mille e tre
Salle 33, arts graphiques, aile Denon 
A l’occasion de l’invitation faite à Umberto Eco sur le thème du Vertige de la Liste, le  musée du Louvre présente une exposition d’œuvres graphiques, anciennes et contemporaines.